zaterdag 13 december 2014

Dijk

DIJKEN van Nederland  heet het boek dat onlangs verschenen is.
We hebben in Nederland 22000 kilometer aan DIJKEN, waarvan zo'n 400 meter 'onze' DIJK, tenminste... toen we hier 30 jaar geleden kwamen wonen. Ons huis stond (en staat nog steeds) boven op de DIJK.
Een zwager die op bezoek kwam maakte tegen mijn man de inmiddels onsterfelijke opmerking: "Jij hebt een DIJK, maar ik heb een DIJK van een vrouw!"
Mocht er een nieuwe zondvloed komen dan zitten wij hoog en droog op onze DIJK (en komt de hele buurt schuilen!).
Een groot deel van onze DIJK hebben we een aantal jaren geleden verkocht aan Natuurmonumenten. We hebben nu wel de lusten, maar niet de lasten en dat is een riante positie.
Onze DIJK is volgens de overlevering in de dertiende eeuw aangelegd door monniken en staat in de plaatselijke toeristische brochure omschreven als landschappelijk fraai. En dat is ie ook. Er hebben schapen en pony's op gelopen en nu zie ik er vanuit mijn werkkamertje regelmatig reeën.
Vorige week las ik een klein berichtje in het plaatselijke suffertje dat de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed onze regio, waaronder onze DIJK en straat (ja, NOORDDIJK!) wil aanwijzen als beschermd dorpsgezicht vanwege een zeer waardevol duincultuurlandschap.
Dorpsgezicht? Laat ik nou altijd tegen iedereen gezegd hebben dat we buiten het dorp wonen. Blijken we zo'n 2,5 kilometer vanaf het centrum van ons dorp te wonen. Maar wel op een DIJK!




zaterdag 6 december 2014

Lopen

De verrassing is groot als we de tuin inlopen van onze zoon. Binnen achter het glas LOOPT een piepklein meisje.
LOOPT!!!!
Wij zien hoe ze met haar korte, stijve beentjes door de keuken LOOPT. Zij ziet ons niet en ook haar vader en broertje hebben ons nog niet 'gespot'. We blijven nog even op afstand van het LOOP-WONDERTJE genieten.
Als we uiteindelijk naar binnen gaan, schrikt het kleine meisje en valt pardoes op de grond om gelijk weer op te staan. Dat ze even later door haar 'grote' broer, die enthousiast komt aanrennen onder de voet GELOPEN wordt, deert haar niet. Vallen en LOPEN wisselen elkaar voortdurend af. Ze maakt er ook niet veel woorden aan vuil, nou ja niet dat ze al kan praten maar toch... ze LOOPT alsof het de gewoonste zaak van de wereld is en dat is het ook.
Tja, en nu ze kan LOPEN, wil ze ook alleen nog maar LOPEN. Dat merken we als we 's middags gaan wandelen. Ze wil niet bij haar papa op de schouders, nee ze wil LOPEN.
En wat maakt het uit dat het langzaam gaat.
Wij, de trotse grootouders (èn papa!) genieten van haar parmantige stapjes.
En haar broer vindt het allemaal best, die rent heen en weer.


vrijdag 14 november 2014

Ree

Ik sta al met de sleutel in mijn hand bij de buitendeur als de telefoon gaat. Mijn eerste gedachte is "laten bellen" maar dan loop ik toch terug naar binnen. Terwijl ik een ingewikkeld financieel gesprek voer kijk ik naar buiten en zie een REE de tuin in lopen.
Als ik niet de telefoon had opgenomen had ik de REE niet gezien. Alhoewel... dan was ik haar of hem misschien tegengekomen op het tuinpad op weg naar de schuur.
Bij de uitrit staat een auto van Zuid Hollands Landschap. Uit het natuurgebiedje aan de overkant van de weg komt de boswachter aan met een kniptang in zijn hand. Hij vertelt dat er een REE uit onze tuin kwam, vlak voor zijn auto de weg over vloog en in het prikkeldraad van de omheining bleef steken. Gelukkig was daar de boswachter die hem of haar kon bevrijden.
Het voorval is een soort stapelverhaal: Als ik telefoon had laten bellen, had ik de REE niet gezien en hij/zij mij waarschijnlijk ook niet en was dan lekker blijven grazen in onze tuin om daarna op zijn/ haar dooie akkertje en ongestoord - de auto van Zuid Hollandse Landschap was al lang voorbijgereden - de weg over te steken en nooit verstrikt geraakt in de heining.
Zo zie je maar wat voor gevolgen het op de valreep opnemen van de telefoon kan hebben.

zondag 9 november 2014

De Muur

Elke keer als ik in Berlijn ben ga ik op zoek naar restanten van DE MUUR en elke keer baal ik er weer van dat ik er nooit geweest ben vòòr 9 november 1989. Niet dat die dag in mijn geheugen gegrift staat. Zat ik aan de buis gekluisterd toen DE MUUR viel? Ik herinner me er niks van en daar baal ik dan ook weer van.
Mijn eerste keer in Belijn was in 2003 en we verbleven in een appartement in Kreuzberg. Aan het einde van de straat had DE MUUR gestaan. Een mevrouw vertelde me dat ze van de één op de andere dag niet meer bij haar vriendinnetje kon komen die een straat verderop woonde, aan de andere kant van DE MUUR, nou ja in eerste instantie prikkeldraad. Diepe indruk maakte dat en ik stelde me voor dat het mijn vriendinnetje was die plotsklaps achter het ijzeren gordijn woonde.
Er is weinig wat meer tot mijn verbeelding spreekt dan DE MUUR. Nou ja, na DE RAMP dan. Maar daar heb ik wel herinneringen aan, daar was ik bij. Alhoewel... in mijn verbeelding dan.


Dit zijn de namen

"Would you know my NAME if I saw you in Heaven" zingt de zangeres achter de piano in het kerkgebouw en hiermee heeft ze de kern te pakken van de Allerheiligendienst. Het is lang geleden dat ik Allerheiligen gevierd heb. Vandaag wordt in deze kerk mijn schoonzus Willy herdacht die in het voorjaar overleden is. Hier kerkte ze voordat haar geest vertroebelde en ze opgenomen moest worden.
Als de predikant haar NAAM noemt is ze er weer even bij.
Dat is de kracht van je NAAM. Wij zijn haar nog niet vergeten.
Ik denk terug aan het In Memoriam van de voorganger (Marijke) tijdens de uitvaartsdienst:
Gesprekken voeren met haar werd steeds moeilijker. Ons laatste gesprekje bestond uit de vraag: Ben jij Willy? Nee, ik ben Marijke en jij bent Willy. Dat 20 keer herhaald. Toen zei ze: Ik ben Willy! Het menszijn teruggebracht tot de essentie: Wie ben ik? En wie ben jij? Eindelijk kunnen zeggen: Ik ben wie ik ben en daar moet ik het mee doen en daar moeten anderen het ook mee doen.

Ik denk aan een boek van Tommy Wieringa met de intrigerende titel Dit zijn de NAMEN . De hoofdrolspelers die in deel 1 alleen genoemd worden met hij en zij, gingen voor mij pas echt leven in deel 2 toen ze NAMEN kregen. Toen pas kon ik me mee laten slepen in het verhaal.
Dat is de kracht van NAMEN.
Als ik na afloop van de dienst een email stuur naar mijn zoon die in een ver Oosters buitenland verblijft voor zijn werk antwoordt hij mij:
Mooi dat jullie een herdenking van Willy hadden. Een NAAM is zeker belangrijk. Vorige week waren we met een grote groep in het veld en dan vergeet je snel heel veel NAMEN van de chauffeurs, vertalers en regelaars. Na een paar dagen waren we eindelijk alleen met ons eigen clubje geohydrologen. Van sommige Azeri wist ik eigenlijk de NAAM niet meer, maar omdat je vervolgens 2 weken met elkaar gaat optrekken, moet je dat meteen aan het begin rechtzetten.

Dat is de kracht van NAMEN. Als je bij je NAAM genoemd wordt ben je iemand.

Diezelfde zoon en zijn vrouw hebben hun dochter bij haar geboorte 2 NAMEN gegeven. De tweede NAAM is die van haar andere overleden oma. Mooi is dat.

Dat er een hemel bestaat, daar was de predikant tijdens de Allerheiligendienst van overtuigd. En diep in mijn binnenste ben ik dat ook, maar of ik daar al mijn geliefde overledenen tegen zal komen?
Geen idee.
In ieder geval zal ik ze zolang ik leef niet vergeten en ze zo af en toe bij hun NAMEN noemen,
En Willy, die zal ik zeker niet vergeten, al is het maar vanwege alle mooie schilderijen die ze gemaakt heeft en bij ons aan de muren hangen. En natuurlijk is er de herdenkingskaars die ik tijdens de Allerheiligendienst voor haar mocht aansteken en nu op een mooi plekje in de kamer staat.

vrijdag 24 oktober 2014

2 dagen

2 DAGEN had ik er voor uit getrokken om mijn kamertje op te ruimen: verzamelmappen, boeken, lappen stof en aanverwante naaiattributen, cassettebandjes (!) en last but not least dè koffer met spullen uit mijn jeugd, meegenomen toen het ouderlijk huis ontruimd moest worden en al meer dan 30 jaar ongeopend. Eindelijk moest het er maar eens van komen, moest ik mijn jeugdjaren maar eens opruimen.
2 DAGEN niet alleen opruimen, maar ook 2 DAGEN herinneringen.
Een lap rood velours, restant van een gordijn dat ik naaide toen mijn dochter op kamers ging.
Dagboeknotities en foto’s van de wereldfietstocht van onze kinderen.
Cursussen die ik in de loop van de jaren gevolgd heb, van  Mantra zingen tot Jaarfeesten, van Levensverhaal schrijven tot Gedachten creëren.
De krant ( de M.W.H.W.-bode) die de kinderen gemaakt hadden tijdens een vakantie bij hun lievelingstante.
Krantenknipsels met publicaties van mijn dochter.
Van diezelfde dochter een map met origami-vouwsels.
De promotie-proefschriften van 2 van onze kinderen (Dr. W en Dr. M).
De brief en 3 ansichtkaarten die ik kreeg van mijn man tijdens zijn pelgrimstocht naar Santiago.
Het cassettebandje samengesteld door de kinderen met Punto-chansons om naar te luisteren tijdens onze autoreis naar Frankrijk.
Een stapel Bulkboeken en een speciale uitgave van De Uitvreter.
Nu, 2 DAGEN later en dozen oud papier, een zak met plasticafval en een kliko vol restafval verder is mijn kamertje bijna opgeruimd.
Bijna, want de koffer is nog steeds ongeopend.
Zou ik dat in 2 DAGEN redden om mijn jeugdjaren op te ruimen? 

zondag 19 oktober 2014

Warmterecord

Een Elfje (11 woorden: 1, 2, 3, 4, 1)


23°
18 oktober
Nazomer? Nee, Zomer
op een bontgekleurde herfstdag
Warmterecord