vrijdag 14 november 2014

Ree

Ik sta al met de sleutel in mijn hand bij de buitendeur als de telefoon gaat. Mijn eerste gedachte is "laten bellen" maar dan loop ik toch terug naar binnen. Terwijl ik een ingewikkeld financieel gesprek voer kijk ik naar buiten en zie een REE de tuin in lopen.
Als ik niet de telefoon had opgenomen had ik de REE niet gezien. Alhoewel... dan was ik haar of hem misschien tegengekomen op het tuinpad op weg naar de schuur.
Bij de uitrit staat een auto van Zuid Hollands Landschap. Uit het natuurgebiedje aan de overkant van de weg komt de boswachter aan met een kniptang in zijn hand. Hij vertelt dat er een REE uit onze tuin kwam, vlak voor zijn auto de weg over vloog en in het prikkeldraad van de omheining bleef steken. Gelukkig was daar de boswachter die hem of haar kon bevrijden.
Het voorval is een soort stapelverhaal: Als ik telefoon had laten bellen, had ik de REE niet gezien en hij/zij mij waarschijnlijk ook niet en was dan lekker blijven grazen in onze tuin om daarna op zijn/ haar dooie akkertje en ongestoord - de auto van Zuid Hollandse Landschap was al lang voorbijgereden - de weg over te steken en nooit verstrikt geraakt in de heining.
Zo zie je maar wat voor gevolgen het op de valreep opnemen van de telefoon kan hebben.

zondag 9 november 2014

De Muur

Elke keer als ik in Berlijn ben ga ik op zoek naar restanten van DE MUUR en elke keer baal ik er weer van dat ik er nooit geweest ben vòòr 9 november 1989. Niet dat die dag in mijn geheugen gegrift staat. Zat ik aan de buis gekluisterd toen DE MUUR viel? Ik herinner me er niks van en daar baal ik dan ook weer van.
Mijn eerste keer in Belijn was in 2003 en we verbleven in een appartement in Kreuzberg. Aan het einde van de straat had DE MUUR gestaan. Een mevrouw vertelde me dat ze van de één op de andere dag niet meer bij haar vriendinnetje kon komen die een straat verderop woonde, aan de andere kant van DE MUUR, nou ja in eerste instantie prikkeldraad. Diepe indruk maakte dat en ik stelde me voor dat het mijn vriendinnetje was die plotsklaps achter het ijzeren gordijn woonde.
Er is weinig wat meer tot mijn verbeelding spreekt dan DE MUUR. Nou ja, na DE RAMP dan. Maar daar heb ik wel herinneringen aan, daar was ik bij. Alhoewel... in mijn verbeelding dan.


Dit zijn de namen

"Would you know my NAME if I saw you in Heaven" zingt de zangeres achter de piano in het kerkgebouw en hiermee heeft ze de kern te pakken van de Allerheiligendienst. Het is lang geleden dat ik Allerheiligen gevierd heb. Vandaag wordt in deze kerk mijn schoonzus Willy herdacht die in het voorjaar overleden is. Hier kerkte ze voordat haar geest vertroebelde en ze opgenomen moest worden.
Als de predikant haar NAAM noemt is ze er weer even bij.
Dat is de kracht van je NAAM. Wij zijn haar nog niet vergeten.
Ik denk terug aan het In Memoriam van de voorganger (Marijke) tijdens de uitvaartsdienst:
Gesprekken voeren met haar werd steeds moeilijker. Ons laatste gesprekje bestond uit de vraag: Ben jij Willy? Nee, ik ben Marijke en jij bent Willy. Dat 20 keer herhaald. Toen zei ze: Ik ben Willy! Het menszijn teruggebracht tot de essentie: Wie ben ik? En wie ben jij? Eindelijk kunnen zeggen: Ik ben wie ik ben en daar moet ik het mee doen en daar moeten anderen het ook mee doen.

Ik denk aan een boek van Tommy Wieringa met de intrigerende titel Dit zijn de NAMEN . De hoofdrolspelers die in deel 1 alleen genoemd worden met hij en zij, gingen voor mij pas echt leven in deel 2 toen ze NAMEN kregen. Toen pas kon ik me mee laten slepen in het verhaal.
Dat is de kracht van NAMEN.
Als ik na afloop van de dienst een email stuur naar mijn zoon die in een ver Oosters buitenland verblijft voor zijn werk antwoordt hij mij:
Mooi dat jullie een herdenking van Willy hadden. Een NAAM is zeker belangrijk. Vorige week waren we met een grote groep in het veld en dan vergeet je snel heel veel NAMEN van de chauffeurs, vertalers en regelaars. Na een paar dagen waren we eindelijk alleen met ons eigen clubje geohydrologen. Van sommige Azeri wist ik eigenlijk de NAAM niet meer, maar omdat je vervolgens 2 weken met elkaar gaat optrekken, moet je dat meteen aan het begin rechtzetten.

Dat is de kracht van NAMEN. Als je bij je NAAM genoemd wordt ben je iemand.

Diezelfde zoon en zijn vrouw hebben hun dochter bij haar geboorte 2 NAMEN gegeven. De tweede NAAM is die van haar andere overleden oma. Mooi is dat.

Dat er een hemel bestaat, daar was de predikant tijdens de Allerheiligendienst van overtuigd. En diep in mijn binnenste ben ik dat ook, maar of ik daar al mijn geliefde overledenen tegen zal komen?
Geen idee.
In ieder geval zal ik ze zolang ik leef niet vergeten en ze zo af en toe bij hun NAMEN noemen,
En Willy, die zal ik zeker niet vergeten, al is het maar vanwege alle mooie schilderijen die ze gemaakt heeft en bij ons aan de muren hangen. En natuurlijk is er de herdenkingskaars die ik tijdens de Allerheiligendienst voor haar mocht aansteken en nu op een mooi plekje in de kamer staat.